Engel IB144 User Manual Page 317

  • Download
  • Add to my manuals
  • Print
  • Page
    / 440
  • Table of contents
  • BOOKMARKS
  • Rated. / 5. Based on customer reviews
Page view 316
262
uit een' ketting, maar deze had geene kracht, wanneer men niet op het beslissend
oogenblik de spreuk prevelde, die de waarzegster opgeeft;
de kroon zetten op
bet.
‘eene zaak voltooien, volmaken’. Overigens is:
de kroon zetten op een keten
min
of meer bedenkelijke beeldspraak.
vs. 61-62. De in deze regels voorkomende zoogenaamde spreuk is eene echte
tooverspreuk: woorden of klanken zonder zin. Hoe P. er aan gekomen is, zouden
wij niet kunnen zeggen. De naam
Ebro
doet aan Spanje denken, het land der
waarzeggende Zigeuners en
flavi - pactolus
aan lat.
flavus
‘blond’ en
Pactolus
, de
naam eener goudstof opleverende rivier in Klein-Azië.
vs. 64.
knevelen
, eig. ‘binden’ van
knevel
‘band’, hier: ‘benauwen’.
vs. 68.
reeders op het tipjen
. Zij hadden met de walvischvangst reeds zooveel
verdiend, dat zij bijna een eigen schip konden uitrusten. Zoo ook
bruigom op het
tipje
van iemand, die op 't punt is de bruigom te worden;
tip
,
tipje:
‘uiterst puntje’.
vs. 71.
vaêr
, gemeenzame benaming voor een man, evenals
moer
voor eene
vrouw.
vs. 72. De waarzegster bedoelt: Laat je niet afschrikken door ééne teleurstelling.
Is de eerste spreuk je ontschoten, ik zal er je eene tweede leeren.
vs. 74.
bezweren:
zie het aangeteekende op vs. 105.
vs. 80.
de star:
‘de avondster’.
vs. 81-82. De zingende ketel en de zwarte kater behoorden tot de gewone
attributen van tooverheksen en waarzegsters. In den ketel werd het brouwsel
gekookt, waaruit de toekomst werd voorspeld en de kater of kat was volgens het
oude volksgeloof een geheimzinnig wezen, in welks gedaante zich vaak eene
tooverheks verschool.
vs. 83-84.
ik ben wat
, enz.
Wat
is in deze uitdrukking een euphemisme voor iets
verschrikkelijks. Zoo hoort men nog wel: Ik mag een dief, een schurk wezen, als ik
dit of dat niet doe. En zoo zegt de waarzegster ook: òf ik ben (dat verschrikkelijke)
òf Mooi-Aagtjen blijkt je trouw. Daar dat eerste nu iets ondenkbaars is, moet het
tweede wel waar wezen en dus heeft deze zegswijze de waarde eener krachtige
verzekering.
vs. 243.
der minnelijke onnoozelheid
, nl. van Roeltjen. Men maakt onderscheid
tusschen
minnelijk
en
beminnelijk
. Het eerste beteekent meer ‘aauvallig’, het tweede
meer ‘lief;’ het eerste ziet meer op uiterlijk en manieren; het laatste meer op innerlijke
eigenschappen.
vs. 249.
onstuimig;
vgl. hiermede hetgeen boven, vs. 162 gezegd is over
onbesuisd
geschater. handgebaar
, enkelv. voor meerv.: ‘de teekens met de handen, die hem
beduidden voort te zingen.
Taal en Letteren. Jaargang 2
Page view 316
1 2 ... 312 313 314 315 316 317 318 319 320 321 322 ... 439 440

Comments to this Manuals

No comments