Engel IB144 User Manual Page 275

  • Download
  • Add to my manuals
  • Print
  • Page
    / 440
  • Table of contents
  • BOOKMARKS
  • Rated. / 5. Based on customer reviews
Page view 274
227
nieuwen krans vervangen. Vgl. Potgieters schets over Huyghens'
Scheepspraet
in
Het Rijksmuseum
.
vs. 10.
op zijn duim fluiten
. De vogelaar lokt den vogel met zijn fluitje. Maar wie
nu bij gebreke van dit instrument zijn duim wilde gebruiken, zou wel iets in den mond
steken, dat op eene fluit gelijkt, maar zeker zijn doel niet bereiken. Zoo beteekent
de uitdrukking: ‘niets krijgen, niets winnen, al geeft men zich nog zooveel moeite.’
vs. 11. Deze regel maakt mede den hoofdzin uit van den onderstellenden zin in
vs. 9. P. schrijft
quant
naar de 17
e
-eeuwsche spelling; de etymologie van het woord
is ‘volmaakt duister’ (Franck). Het beteekent hier hetzelfde als
maat
in vs. 3;
gewoonlijk heeft het eene ongunstige beteekenis:
een rare kwant
,
een slimme kwant
,
enz.
vs. 17.
zoeter spiegel
, nl. de mooie oogen van Roeltje, waarin hun beeld zich
spiegelt, als ze haar aankijken;
toelonken:
‘vriendelijk, minnelijk toelachen.’
vs. 19.
van wanten weten:
‘wel weten wat men doet, volkomen op de hoogte zijn.’
In welke beteekenissen
want
of
wand
voorheen voorkwam, leert Roemer Visscher
in zijn
Brabbelingh:
Want
dat is laken bij de Duytsche knechten,
Want
is dat de zyden van de huyzen sluyt,
Want
, zeydt hij, die met reden wat wil uytrechten,
Want
is reedschap, om de Visschen te bevechten,
Want
deckt de handt voor hette en voor kout
Dan de meeste
Want
hebt ghy getrouwt.
Bekend is ook het rijmpje van Cats:
Die een dant (
eene ijdele vrouw
,
eene pronkster
) Trout om haer want
Verliest de want En houdt de dant.
Want
beteekent hier, evenals in den laatsten regel van Roemer Visscher: ‘goed,
vermogen, geld.’ Deze beteekenis zal wel afgeleid zijn uit die van ‘kleeding,’ hd.
Gewand
, welke wij terugvinden in die van ‘laken.’ Vermoedelijk beteekent dan de
uitdrukking
van wanten weten
eigenlijk: ‘weten, hoe men geld kan verdienen.’ Men
moet dan echter aannemen, dat het enkelv.
want
(eig.
wand
) onder den invloed van
want
‘handschoen’ later in een meerv.
wanten
is veranderd
1)
.
vs. 25.
een fijn mennisten zusjen
. De Doopsgezinden onderscheidden zich
1) Bij Roemer Visscher komt nog een ander
want
voor, p. 24: Een dubbelt deurtrapt, archlistigh
quant, een dubbelde hoer, boef, schelm of
want
, een dubbelt geus en dubbelt Catholijk
zijn een enckelt goet man heel ongelijck. Hier schijnt het woord een syn. van ‘schelm.’
Beteekent dus
van wanten weten
eigenlijk: ‘van schelmen weten’; dus: ‘zijn volkje wel kennen’,
‘zich niet laten beetnemen’?
Taal en Letteren. Jaargang 2
Page view 274
1 2 ... 270 271 272 273 274 275 276 277 278 279 280 ... 439 440

Comments to this Manuals

No comments